Ik sloeg hem twee keer af. Een jaar later is dit voor mij premium autorijden.
Een jaar geleden werd mijn EV geleverd. Het was de derde keer dat ik er een kon nemen. Bij de eerste twee zei ik nee.
Mijn scepsis kwam niet alleen uit research. Ik had op het werk al een paar flex-EV's onder mijn voeten gehad. Eerste generatie Tesla's, om precies te zijn. Hooivorken kunnen blijven hangen, dit gaat niet over politiek. Die wagens waren simpelweg nooit gebouwd om als flex-auto te functioneren. Het gevolg was een notoir onbetrouwbare acculading-voorspelling. Tien minuten eerder stond er nog dat ik met 30 procent thuis zou aankomen, en plotseling zat ik in laadpaal-nood. Een paar keer dat meemaken en je conclusie is niet 'EV's deugen niet'. Je conclusie wordt: 'EV's in deze setup deugen niet'. Maar de associatie blijft hangen.
Eind 2022 was de eerste mogelijkheid. Ik dook in de research zoals ik altijd doe bij een grote aankoop: te lang, te diep, te veel tabbladen tegelijk open. Mijn conclusie destijds was dat het nog te vroeg was. Te weinig snelladers, te kleine accupakketten voor het bedrag dat ik wilde uitgeven, software met te veel kinderziektes. Maar het echte struikelblok zat dichter bij huis: ik kon thuis niet laden. En ook op mijn werk was er in 2022 vrijwel geen laadpunt. Een EV zonder routine voor het laden klonk als een hobby waar ik geen tijd voor had. Ik bleef bij benzine.
Eind 2024 kwam er een tweede kans. Mijn jonge benzineauto stond er nog steeds. De thuislaad-situatie was wezenlijk niet veranderd. Opnieuw nee.
In april 2025 lag er een derde mogelijkheid. Toen durfde ik. Op het moment dat ik dit schrijf staat de auto op 29.339 kilometer en is hij precies één jaar oud.

Het begon als een technisch experiment
Ik benaderde de overstap niet als statement en niet als omschakeling van mijn waardenpatroon. Gewoon als een onderzoek met een budget. Wat zou er gebeuren als ik dit een jaar deed met een auto die ik bewust zou selecteren?
De selectie was nerd-erig. Ik koos eerst een bijtellingsplafond en werkte van daaruit terug. Ik wist dat ik een accu wilde waarmee een volledige werkweek woon-werk-verkeer comfortabel zou passen. Accupakketten van dat formaat zijn duur, dus moest het budget elders vandaan komen. Geen panoramadak. Geen kleurtje van het seizoen. Geen massagestoelen.
Ik kwam uit op de Skoda Elroq 86 Business Line. Onder de plaat draait die op het MEB-platform van Volkswagen Group, op dit moment het breedst uitgerolde EV-platform in Europa. Niet de eerste met spectaculaire innovaties, wel het platform met het grootste draagvlak voor updates en volwassen software. Voor mij woog dat zwaarder dan een elektrische achterklep en geventileerde stoelen. Actieradius woog overigens wel mee. Een grote accu was geen luxe, het was de hele aanleiding van de exercitie.
Ik zie veel mensen om me heen die andersom kiezen. Kleine accu, alle opties aangevinkt. Fijn dat je dan massagestoelen hebt, want die heb je ook iedere dag nodig tijdens het laden.
Software is zeventig procent van de ervaring
Dat is mijn schatting, niet een spec uit een brochure. Het infotainment, de companion app, de communicatie tussen navigatie en accumanagement, het laadgedrag onderweg, de manier waarop je auto kan voorverwarmen of een rit kan plannen. Daar koop je een ecosysteem, geen auto. Een EV met onvolwassen software is een prima auto met een vervelende reisbuddy.

Ik selecteerde op het aantal USB-C poorten met dezelfde ernst als op vermogen. Ik keek naar de volwassenheid van de companion app, de configureerbaarheid van het infotainment en de manier waarop de boordnavigatie met de accu samenwerkt bij ritplanning. Wie dit niet meeweegt, gaat over twee jaar het verschil voelen tussen een platform dat doorontwikkelt en een platform dat stilstaat.
De zorgen uit 2022 kwamen niet uit
Range anxiety? De eerste keer dat ik aan een snellader móést, was tweede kerstdag. Dat is een half jaar na de levering. Familie zou met de seniorentaxi thuiskomen, die liet haar in de steek, en met 30 procent accu en 200 kilometer voor de boeg ging het niet meer comfortabel lukken. Dus tijdens het pakken van een Mars en een flesje water tankte de Skoda bij. Geen drama. Een korte stop, met iets minder zinloze tijd dan bij een gewone pomp.
Laadinfrastructuur? Ik reed een keer heen en weer naar Düsseldorf, vertrokken vanuit Gouda met 50 procent. Op de terugweg plande de navigatie een laadstop in Duitsland. Mooi moment om mijn laadpas in het buitenland te testen, en het was bepaald geen last resort: ik had nog gemakkelijk twee volgende stops kunnen halen. Ik kwam aan bij een groot tankstation. Achter het station lagen acht vakken met Charging Point gemarkeerd. Er stond fysiek één paal. De andere zeven waren nooit geïnstalleerd. Gelukkig was die ene vrij. Ook in dat scenario zit het verschil tussen twintig minuten geduld en een ramp vooral in hoe je in de auto stapt. Wie altijd met een lege tank rijdt, wordt met een EV ook niet gelukkig. De grootste factor is de mens, niet de techniek.
Aanschafprijs en kosten? Door de selectiestrategie bleef ik onder het bijtellingsplafond en kreeg ik in ruil een accupakket dat het laadritme uit mijn week haalt. Bij gewoon werkverkeer en temperaturen boven de tien graden zet ik de auto op zondag aan de paal. Hij staat dan vaak op zo'n 30 procent. Één keer per week, op een moment dat ik er toch niets mee doe. Meer is het niet.
Caravan trekken? Doe ik niet. Voor wie dat wel doet zijn er reële beperkingen. Voor mij stelde het zich nooit als vraag.

Het kantelmoment
Het echte kantelmoment was niet die kerstdag bij de snellader. Het was eerder. Ergens rond de zes maanden eigenaarschap viel me op dat ik nog nooit aan een snellader had gestaan. Ik heb geen thuislader. Ik laad aan een publieke paal voor de deur. Maar dat voelt als thuis laden, omdat het op mijn ritme gebeurt en ik er niets voor hoef te plannen.
Mijn oude zorg was concreet: ik dacht dat ik vier keer per week ergens aan een paal zou staan wachten. In een heel jaar gebeurde dat nul keer. Wat ik in mijn hoofd had was een script dat in de praktijk nooit hoefde te worden uitgevoerd.
De infrastructuur eromheen verrast me telkens
Wat ik vooraf onderschatte was niet de auto, maar het hele ecosysteem dat eromheen is gegroeid. Bij elke nieuwe situatie blijkt er een goed gebouwde tool of community voor te zijn. Voor de aanstaande rit naar Italië stuitte ik op een app met EV-navigatie op controlfreak-niveau: laadcurves per paal, prijsfilters, betrouwbaarheidsscores, voorspellingen op basis van weer en wegligging. Ik voelde me daar meteen helemaal thuis.
Mijn nee uit 2022 was niet fout
Ik denk niet dat ik in 2022 een andere keuze had moeten maken. De markt was anders. De auto's waren anders. Mijn use-case paste er minder bij, simpelweg omdat ik nergens fatsoenlijk kon laden. Mijn ja in 2025 is geen bewijs dat mijn nee in 2022 fout was. Het is bewijs dat de timing telt, en dat een EV-keuze van 2022 en een van 2025 niet hetzelfde gesprek zijn.
Wat ik wel weet: ik zit nu, in juni 2026, in een soort sweet spot. De auto's zijn comfortabel, de software is volwassen, de infrastructuur draagt mijn gebruik zonder dat ik erover hoef na te denken. Volgende maand rijd ik met de Skoda naar Italië en ik maak me daar nul zorgen over. Een paar jaar geleden had ik dat zelf niet geloofd.
Of die sweet spot blijft, weet ik niet. Toenemende vraag, stress op het spanningsnet, beleid dat alle kanten op kan. Mijn oordeel over twee jaar is misschien weer anders. Dit verhaal is geen verkooppraatje, het is een snapshot.
Ik probeer ondertussen nog steeds iets nieuws te leren. Hoe ik dit ding moet noemen waar mijn rechtervoet op rust. Na een jaar zeg ik nog steeds gaspedaal.